NIET TE TORSEN LAST

Bezitters van rij- en voertuigen in Suriname hebben nog 2.5 week de tijd om de rij- en voertuigenbelasting op hun voertuig of voertuigen te voldoen. Het ministerie van Financiën blijft erop staan, dat aan deze heringevoerde fiscale maatregel voor rij- en voertuigen moet worden voldaan. Het laatste tot groot ongenoegen van verreweg de meeste bezitters van rij- en voertuigen. De autobezitter gaat er namelijk vanuit, dat hij of zij al zwaar genoeg wordt belast door deze overheid aan belastingen en dat deze extra fiscale maatregel op het autobezit een last is die voor de meesten te zwaar zal zijn. De kosten van levensonderhoud zijn door de devaluaties van de SRD ten opzichte van harde buitenlandse valuta in de afgelopen negen jaar met meer dan 100 procent gestegen en in bepaalde gevallen gingen de kosten zelfs met bijna 300 procent de lucht in. Inflatoire salariscorrecties vonden nauwelijks plaats of hielden zeker geen gelijke tred met de enorm gestegen kosten van levensonderhoud. Het gangbare bestedingspatroon van de doorsnee Surinamer werd totaal ontwricht en de meeste loontrekkers waren genoodzaakt steeds aan prioriteitsbijstelling te werken. Maar op een gegeven moment gaat de rek er helemaal uit en dan maakt het nauwelijks nog wat uit of je meerdere baantjes hebt. De kosten blijven maar oplopen en naar de mening van velen maakt het de regering Bouterse niet uit, hoe men deze toestand overleeft. Ze komt daarenboven nog snoeihard aan met een rij- en voertuigenbelasting, omdat ze hard meer geld nodig heeft en dan maakt het haar niet uit hoe ze dat uit de reeds zwaar beproefde bevolking perst. De leden van de Particuliere Lijnbus Organisatie, PLO, hebben reeds laten weken op 1 maart aanstaande, de bussen in de garages te houden, omdat de minister van Financiën, Gillmore Hoefdraad, geen vrijstelling aan de bushouders wenst te geven met betrekking tot de rij- en voertuigenbelasting. De bushouders, die ook zwaar zijn geraakt door zeker met meer dan 100 procent gestegen kosten voor brandstof en het onderhoud van de voertuigen, zijn niet plan op deze voet door te gaan en wensen de rij- en voertuigenbelasting zeker niet te voldoen. Het zijn dan toevallig de bushouders die zich nu reeds verzetten tegen deze fiscale druk, maar de overheid dient te weten, dat er vrijwel geen bezitters van rij- en voertuigen zijn, die deze belasting gaarne willen betalen. Als de PLO het werk neerlegt, vindt in deze kwestie de eerste en ernstige ontwrichting van de maatschappij plaats en zal er in zowel de particuliere als publieke sector schade worden geleden. Ook het onderwijs zal op grote schaal ontregeld worden. En wat zal Hoefdraad kunnen doen als tienduizenden gewoon weigeren de belasting op rij- en voertuigen te voldoen. Ze zullen al deze mensen op de bon geslingerd worden? En wat zal hij als tegenmaatregel nemen als de bekeurde personen ook nog weigeren de boete te voldoen? Hebben we al niet voldoende rechtszaken tegen mensen die weigeren een verkeersboete te betalen? De rij- en voertuigenbelasting is van meet af aan een verkeerde fiscale maatregel geweest en dat weet ook Hoefdraad maar al te goed.  En als we dan ook nog weten dat er slechts 10 procent uit de opbrengsten van de rij- en voertuigenbelasting zal worden aangewend voor de aanleg en het onderhoud van onze infrastructuur, dan stijgt natuurlijk de aversie bij velen om deze belasting te betalen. De rij- en voertuigenbelasting is voor de meesten de zoveelste belastingmaatregel om het volk wederom te plukken en nog berooider te maken en daar dient een eind aan te komen.  Als de regering Bouterse vast blijft houden aan de rij- en voertuigenbelasting, zal ze de consequenties zeker merken in mei 2020.