ZEER WEINIG VERTROUWEN

Groot gebrek aan vertrouwen maakt dat buitenlandse drugsbestrijdingsdiensten er vanaf het aantreden van de regering Bouterse I in augustus 2010, minder behoefte aan hebben gehad nauw met haar samen te werken. Reeds kort nadat minister Misiedjan op Justitie en Politie aantrad, besloot de Amerikaanse regering haar kantoor van de Drug Enforcement Administration, DEA, gevestigd in haar ambassade hier ter stede te sluiten en over te brengen naar Georgetown in Guyana. De DEA had namelijk al spoedig in de gaten, dat samenwerking op een vertrouwensbasis met de nieuwe regering, zeker niet vlekkeloos zou verlopen. En laten we er geen doekjes om winden, buitenlandse drugsbestrijdingsdiensten delen geen zorgvuldig verzamelde en zeer gevoelige informatie met personen en of instanties in het buitenland die niet als veilig worden gezien. Wanneer president Bouterse in het parlement stelt dat het buitenland geen anti-drugskantoor in Suriname wenst te vestigen, dan weet hij beter dan wie ook de reden daartoe. Het staatshoofd weet ook dat er binnen onze opsporingsinstituten, lieden werkzaam zijn die hand- en spandiensten bewijzen aan de grensoverschrijdende misdaad en dat die lieden menig onderzoek hebben gesaboteerd en gevoelige informatie hebben gedeeld of nog steeds delen met deze criminelen. Ook is het geen geheim dat een bepaalde unit die succes heeft geboekt in de duikbootaffaire en de kwestie Oedit met zijn landingsbaan, kort daarop werd ontmanteld c.q. uitgehold. Leden van deze unit die een samenwerking hadden met onder meer de DEA, werden binnen het Korps Politie Suriname, KPS, gemuteerd en hun posities werden ingevuld door derden. Ook de abrupte wijzigingen binnen de hoogste leiding van het KPS, werden door de buitenlandse drugsbestrijdingsdiensten als signaal gezien voor een niet verdere, of zeer beperkte samenwerking. Dat het buitenland momenteel en wel onder dit bestuur, niet happig is tot een zeer nauwe en gezonde samenwerking, komt zonder meer door de grote achterdocht die bestaat tegen hoofdzakelijk lieden die met de opsporing belast zijn. Met de vervolging heeft het buitenland naar verluidt tot nog toe geen problemen. Dat er onlangs een zeer grote vangst van cocaïne in de Dr. Jules Sedney haven heeft plaatsgevonden, komt omdat er nog steeds tussen al de ‘rotte appels’ bij de opsporing, nog lieden zijn die de aan hen toebedeelde taak naar eer en geweten volbrengen. Deze grote vangst in de voormelde haven wordt door bepaalde invloedrijken in dit land, wel als zeer onaangenaam ervaren en heeft zeker een aantal geplande zaken in de war gestuurd.