Belfort stoort zich niet aan kritiek

Abop-volksvertegenwoordiger Edward Belfort, stoort zich niet aan de kritiek die hij gekregen heeft na zijn aankondiging dat hij een droom gehad heeft dat hij voor het presidentschap moet gaan. Belfort zegt dat hij ook heel veel positieve reacties heeft gehad van het volk. “De kritiek komt meer van de loyalisten van de NDP. De keuze ligt echter bij het volk, dat zal kiezen. Ik voel me sterk”, benadrukt de Abop’er.
Belfort gelooft ook dat de partij waar hij deel van uitmaakt, Abop, hem ook zal voordragen als presidentskandidaat. Hoewel hij nog niet met de partij hierover heeft gesproken, denkt hij niet dat dit een probleem zal worden.
Belfort heeft veel zaken die hij wil aanpakken als hem de mogelijkheid wordt geboden president van het land te worden.
Zo wil de huidige volksvertegenwoordiger ervoor zorgen dat er een werkelijke armoedebestrijding komt, dat er gewerkt wordt om de koers omlaag te brengen en dat corruptie hard wordt aangepakt. Om de economie te versterken, zal het accent gelegd worden op de productie. Belfort zegt dat vooral het toerisme en de landbouw een boost gegeven zullen worden, maar dat ook de export niet vergeten zal worden.
Verder zegt Belfort dat hij zich er sterk voor zal maken dat president Bouterse, hoofverdachte in het 8 Decemberstrafproces, achter de tralies komt als hij veroordeeld wordt. “Hij gaat 48 uren hebben om zich aan te melden”, benadrukt Belfort. Ook is hij ontevreden met de situatie in het binnenland, vooral onder de Saamaka gemeenschap. “Als ik president word, zal de resolutie van granman Albert Aboikoni meteen ingetrokken worden, zodat er rust komt in dat gebied.” Verder wil Belfort ook gaan werken aan het grondenrechtenvraagstuk.
Belfort wil ook dat de overeenkomst met multinationals die operationeel zijn in ons binnenland, herzien worden. Hij is van mening toegedaan dat er weinig tot niets voor de gemeenschappen in die gebieden wordt gedaan. Hij wil dat de multinationals vooral op het gebied van infrastructuur, onderwijs en sport, meer initiatief gaan nemen.

 

door Richelle Mac-Nack