DE ZOVEELSTE KEER

Vandaag is er vanwege de overheid, een dag van nationale rouw afgekondigd naar aanleiding van het bootongeluk dat zich de vorige week heeft voorgedaan op de Coppenamerivier waarbij acht kinderen en vier vrouwen zijn verdronken. Alle slachtoffers waren afkomstig uit een inheems dorp aan de Grankreek. Door ontstuimig water en hoge golfslag maakte de boot water en sloeg om. Hierbij geraakten de opvarenden te water en verdween een deel in de diepte. Vermoedelijk waren bepaalde opvarenden het zwemmen niet machtig. Vandaag wordt er in de Memre Buku Kazerne een kerkdienst gehouden ter nagedachtenis van de slachtoffers. De begrafenis van de slachtoffers zal naar verluidt op korte termijn plaatsvinden. Dat zich voor de zoveelste keer een dergelijke ramp heeft kunnen voordoen, is eigenlijk onvoorstelbaar. Zowel de personen die belast zijn met het transport van personen over water als de controlerende instantie van overheidswege, heeft uit de contemporaine geschiedenis van dit land niets geleerd. Het is namelijk niet de eerste keer dat zich een soortgelijke ramp heeft voorgedaan, en dan memoreren we de ramp kort na de coup van 1980 onder de regering van president Chin A Sen op de Surinamerivier, toen een veerbootje op het traject Paramaribo – Meerzorg omsloeg en veel inzittenden het leven lieten. De meesten wisten niet te zwemmen en er waren toen zeker geen veiligheidsvoorzieningen in het vaartuig aanwezig. Als we ons niet vergissen, deed zich wederom een dergelijk ongeluk voor en wel na 1991 op hetzelfde traject. Ook toen waren er veel doden te betreuren. Er zou vanaf dat moment streng gelet worden op de veiligheid aan boord van deze kleine vaartuigen die door een buitenboordmotor worden voortgestuwd. Vanwege de overheid werd enige tijd gecontroleerd of de exploitanten van deze vaartuigen zwemvesten aan boord hadden. Velen kochten deze vesten en boden ze aan de passagiers aan bij de oversteek. Het ging voor korte tijd redelijk goed, totdat bepaalde opvarenden de vesten niet meer aan het lichaam wensten te bevestigen, omdat die volgens hen vies waren en stonken. Na enige tijd was de situatie dan ook weer als vanouds en dus vindt de oversteek tussen bijvoorbeeld Paramaribo en Meerzorg vice versa, opnieuw plaats zonder zwemvesten, omdat de meeste passagiers weigeren die te benutten. Op de Marowijnerivier is het helemaal hommeles. Tussen Albina en Saint-Laurent-du-Maroni tref je vrijwel of helemaal geen vesten aan in de korjalen die op en neer tussen de twee grensplaatsen varen. De boten die richting Galibi varen met toeristen, hebben wel oranjekleurige vesten aan boord en de opvarenden maken daar wel gebruik van. Naar verluidt zit het ook helemaal fout op de boten die de ‘backtrack’ route onderhouden op de Corantijnrivier tussen Nieuw Nickerie en Springlands. Zolang onze overheid niet hard gaat optreden tegen bootslieden en passagiers die dagelijks gebruikmaken van deze veerbootjes in dit land, is het naar onze mening gewoon wachten op de volgende grote scheepsramp. Ook het onverantwoordelijke gedrag van bepaalde bootslieden die veel meer personen vervoeren dan is toegestaan, moet vanwege de overheid strenger gecontroleerd worden en bij overtreding bestraft, want het komt nog veel te vaak voor dat er ten bate van het gewin, grote risico’s worden genomen en gesold wordt met andermans leven.