Oplossing onderwijscrisis vereist mentaliteitsombuiging

“Een groeiend aantal leerlingen dat om elf uur in de ochtend al op straat loopt, onderwijsprojecten waarin miljoenen worden gestopt, maar die niet verder worden uitgevoerd en waarvoor niemand zich verantwoordelijk stelt, een toename van het aantal kinderen dat bijlessen volgt en een groot aantal leerkrachten dat niet werkzaam is op scholen.” Dit zijn volgens orthopedagoog en klinisch psycholoog Harry Mungra, slechts enkele gevolgen van de crisis in het onderwijs.

Volgens Mungra, die de onderwijscrisis vanuit de maatschappelijke crisistheorie bekijkt, is de crisis in ons onderwijs tientallen jaren terug gestart. Mungra presenteerde zijn visie gisteren bij de lezing en discussieavond die georganiseerd was door de Katholieke Onderwijzers Bond (KOB) met als thema: ‘De crisis in ons onderwijs, er is een alternatief’. De inleiders Mungra en Gracia Ormskerk en de panelleden, waren het er unaniem over eens dat alleen een mentaliteitsombuiging tot een oplossing zal leiden.

De crisis in het onderwijs begon bij de grote onderwijzersstaking van 1945, waarbij kritiek werd geleverd op de structuren van het onderwijs. Het onderwijs werd er een van opgezette plannen, waarbij er een gebrek was aan gedegen onderzoek, waardoor goede maatregelen averechts hebben gewerkt. Het ineffectief gebruik van de 180 schooldagen per jaar wordt aangemerkt als een grote crisis.

“De nationale vrije dagen worden reeds een dag van te voren gevierd op scholen, terwijl ook een aantal uren uitgetrokken worden voor vergaderingen. Hierdoor worden de uren niet effectief benut”, zei Mungra. Ook de grote discontinuïteit op het ministerie van Onderwijs in de periode 1990-1999 door het continu wisselen van ministers, zorgde voor stagnatie. Hetzelfde probleem zette zich voort in de periode 2015-2018. Jarenlang wordt erin de beleidsnota’s en de sectorplannen steeds gewezen op de inefficiëntie van het onderwijs.

“Dit geeft aan dat iedereen deel is van zowel het probleem als de oplossing. Mensen moeten zich committeren aan beter onderwijs. Deze discussie moet leiden tot het produceren van nota om te bepalen wat structureel gedaan kan worden”, stelde Mungra. Volgens Ormskerk moet het Surinaams onderwijs overgaan tot zelfstandig leren in competentiegericht onderwijs in plaats van het traditionele, klassikale onderwijs. Emmy Hart van Stichting Rumas haalde tijdens de discussie aan, dat de Vlaamse Vereniging voor Ontwikkelingssamenwerking en Technische Bijstand (VVOB) haast alle leerkrachten getraind heeft in zelfstandig leren, maar toch zijn alle leerkrachten weer vervallen in de oude manier van lesgeven. “Het gaat dus niet om wat je brengt. Er moet eerst een mentaliteitsombuiging komen”, stelde Hart.

Volgens het panellid Patricia Etnel missen we een aantal zaken in het onderwijs. “We brengen verandering zonder rekening te houden met wat er al is gedaan. Iedereen denkt dat hij het wiel opnieuw moet uitvinden”, zei Etnel. Er valt volgens haar geen politiek te bedrijven met het onderwijs, omdat het gaat om het vormen van kinderen en jongeren ter versterking van de natie. “We moeten investeren in wat we verwachten, maar die ‘set kon mentaliteit’ heeft zaken verziekt”, merkte ze op. Het panellid Marcelino Nerkust gaf aan dat de politiek, vooral de leiding van het ministerie van Onderwijs, zich moet committeren aan zaken betreffende het onderwijs. Mungra op zijn beurt stelde dat verdere begeleiding noodzakelijk is om veranderingen door te voeren en een nieuw systeem te verankeren, anders gaat iedereen langzamerhand op de oude voet verder.

door Priscilla Kia