Minder dan 3% Surinaamse moeders geeft borstvoeding

Volgens minister Antoine Elias van Volksgezondheid, geeft minder dan 3 procent van de Surinaamse moeders uitsluitend borstvoeding in de eerste zes maanden na de geboorte. Hoewel Carmen Scholsberg, directeur van de Stichting ter Bevordering van Borstvoeding in Suriname (STIBOSU), de cijfers niet kan hard maken, zegt zij desgevraagd dat het aantal wel alarmerend is. Volgens Scholsberg ontbreekt de begeleiding van de moeders na het ontslag uit het ziekenhuis, waardoor zij heel vroeg stoppen met het geven van borstvoeding. Een goede begeleiding zal het percentage volgens haar opvoeren.
Veel moeders weten niet hoe hun lichaam werkt en zeggen dat zij ‘’geen melk’’ hebben. Scholsberg legt uit dat het proces langzaam op gang komt. “Een pasgeboren baby heeft niet zoveel voeding nodig, maar de moeder moet het kind vaak aanleggen en pas op de vierde of vijfde dag komt de melk goed op gang. Daarnaast moet de moeder ook voldoende drinken”, zegt Scholsberg. Over baby’s die de borst weigeren, zegt de directeur dat dit kan gebeuren als het kind te vroeg flesvoeding krijgt. De baby raakt daardoor gewend aan de speen.
Er zijn verschillende manieren om moeders te bereiken met de informatie over borstvoeding. Zo krijgen ze de informatie via een folder, maar volgens Scholsberg schort het daar ook aan, omdat de moeders vergeten wat ze gelezen hebben of ze lezen de folder helemaal niet. Volgens de directeur moeten de moeders al vanaf de eerste controle voorlichting en informatie krijgen. Veel moeders stoppen ook met borstvoeding, omdat zij werken en niet weten hoe zij borstvoeding hiermee kunnen combineren. Sommige moeders gebruiken ook bepaalde medicijnen en beginnen daarom niet aan het geven van borstvoeding.
“Dit hoeft allemaal niet. De moedermelk kan afgekolfd worden en voor het kind worden achtergelaten. Ook bij het gebruik van bepaalde medicijnen moet de huisarts op de hoogte gesteld worden, die op zijn beurt medicatie zal voorschrijven die het geven van borstvoeding mogelijk kan maken”, stelt Scholsberg.
“Er is geen enkele voeding die moedermelk kan nabootsen. Borstvoeding is goed voor de ontwikkeling en groei van het kind. Het heeft een hoge voedingswaarde met beschermende stoffen. Daarnaast is borstvoeding niet alleen voordelig voor het kind, maar ook voor de moeder”, benadrukt Scholsberg. Zo kan het geven van borstvoeding ervoor zorgen dat de baarmoeder sneller op haar plek komt, terwijl het bloedverlies na de bevalling ook minder kan worden. Stibosu blijft zich inzetten voor het verschaffen van de informatie om het geven van borstvoeding te stimuleren.

door Priscilla Kia