Veel mis bij bedrijf dat Goslar zou bergen

Er is heel veel mis bij Sediba Holding N.V., het bedrijf dat tal van projecten zou uitvoeren in ons land, waaronder de berging van de Goslar. Als de berging nog doorgaat, is niet duidelijk. De redactie heeft vernomen dat de directeur van Sediba Holding N.V., Ben Toppin, momenteel in Ne-derland is. Wensley Long-fur, lid van het managementteam, heeft op 29 juni op de pagina van het bedrijf een bericht geplaatst waarin hij zijn misnoegen uit over zaken die volgens hem fout gaan in het bedrijf. Wat in het begin leek op een rooskleurige toekomst voor Longfur, eindigde in een nachtmerrie.
Longfur zegt tegenover De West, dat achteraf gezien, het vanaf het begin al mis ging. “Ontevreden medewerkers waar loze beloften tegen werden gedaan en terwijl er geen geld was, werden er wel steeds meer mensen aangenomen. Het beetje geld dat er was, ging op aan salarissen. Degelijk kantoormeubilair was er niet. De benodigde ICT-systemen heb ik in goed vertrouwen met privégeld laten overkomen”, aldus Longfur.
Ongeveer twee maanden geleden heeft de redactie Toppin telefonisch gesproken over de berging van de Goslar. Toen beloofde hij de redactie om op korte termijn met een reactie te komen in deze kwestie.
Hij zei dat de berging vertraging ondervond, wat volgens hem te maken had met tegenwerking vanuit de overheid. Longfur zegt dat elk project stroef verliep en dat zij steeds te horen kregen dat Toppin tegengewerkt werd door de overheid. Gesprekken die hij met de president zou hebben gehad, hebben daar geen verandering in gebracht.
Maar volgens Longfur waren er ook projecten die buiten de overheid om gingen, en die kwamen ook niet van de grond. “Elke keer kwam het volgens hem door tegenwerking van derden. Mijn mening is dat Ben een erg levendige fantasie heeft en in zijn eigen verhalen en waarheden is gaan geloven”, aldus Longfur.
Het enige project waar volgens hem wat activiteit merkbaar was, is de Goslar geweest. Maar die activiteit bestond alleen uit papierwerk. “Sterker nog, er werd van alles gedaan om allerlei documenten te regelen om aan derden te laten zien dat er wel degelijk iets gaande was, vandaar ook die plotselinge persconferentie destijds”, zegt Longfur. De grote ellende begon met het steeds weer laat of gedeeltelijk uitbetalen van salarissen. Volgens Longfur heeft Sediba, behalve de projecten, nooit iets ondernomen waarmee inkomsten verdiend konden worden. Herhaaldelijk hebben managers gewezen op het feit dat er veel kosten waren, maar geen inkomsten die de kosten konden dekken.
Inkomsten bleven uit en daarom was het veel te grote en dure kantoorpand, Longfur een doorn in het oog. Hij kaartte dit herhaaldelijk aan bij Ben Toppin, maar die zei steeds hetzelfde: “Als er mogelijke klanten of zakenpartners komen, raken ze onder de indruk van het pand.” Volgens Longfur is het fout gegaan door de starre houding en onervarenheid van de directie, maar ook door een deel van het managementteam.
Volgens Longfur heeft het bedrijf enorme achterstanden in het betalen van salarissen. Hij heeft zelf ook financiële schade opgelopen, hij heeft nog SRD 90.000 tegoed van Sediba. Hij had namelijk een lening voor het bedrijf heeft afgesloten in december 2016. Ook heeft Longfur zijn huis als onderpand gebruikt voor een lening van US-dollar 200.000. Het huis is al verkocht op de veiling, er rest nog een schuld van US-dollar 375.000. “Helaas is dit laatste mondeling toegezegd en heb ik hier geen bewijzen van”, zegt Longfur. Zelf moet hij nog een bedrag van SRD 24.000 achterstallig salaris ontvangen. Een deel van de ICT-apparatuur heeft hij terug gekregen, welke hij voor euro 2.800 had aangeschaft. Longfur gaat aangifte doen zodra hij terug is in Suriname. Momenteel is hij in Nederland aan het uitzoeken welke juridische stappen hij kan ondernemen.

 

door Johannes Damodar Patak