OPSPORING NIET ZOMAAR

Tegen Ramchender (Radj) Oedit is door de procureur-generaal als hoofd van het Openbaar Ministerie, een opsporingsbericht gelanceerd. Oedit die naar verluidt inmiddels het land heeft verlaten kort nadat op zijn perceel in Saramacca een narco-duikboot was ontdekt en daarna op een aan hem behorend vliegveld een Cessna 210 met aan boord 488 kilo cocaïne werd onderschept door politie en andere veiligheidseenheden , zou in Nederland vertoeven. Volgens onze informatie, vertrok Oedit kort na de vondst van de duikboot uit zijn woonadres en betrok een kamer in een groot hotel in onze hoofdstad. Nog geen etmaal daarna stapte Oedit op het vliegveld richting Amsterdam. De politie verkeerde toen nog in de beginfase van het strafrechtelijk onderzoek in Saramacca en Paramaribo naar aanleiding van de vondst van de narco-duikboot en de vangst van de Cessna 210 de tweekoppige bemanning en andere verdachten ter plekke en later in Paramaribo. Oedit wordt er volgens het bericht uitgegeven door het Openbaar Ministerie, ervan verdacht zich schuldig te hebben gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie en overtreding van de Wet Verdovende Middelen. Het is helemaal niet vreemd en ongepast Oedit niet te verdenken van betrokkenheid bij de narco–semi-duikboot affaire en de enorme lading cocaïne die aangevoerd werd op het vliegveld dat een lengte heeft van 3 kilometer en zich op het terrein van de rijsthandelaar bevindt. Voorts kan Oedit er niet omheen dat zijn werknemers aanwezig waren bij het toestel toen het op het voormelde vliegveld landde. Oedit heeft inmiddels gereageerd op het opsporingsbericht van het Openbaar Ministerie en verklaart voor gezondheidsredenen in Nederland te zijn. Hij zou voor een nacontrole in Nederland zijn na aldaar een herniaoperatie te hebben ondergaan. In een door een lokaal medium gepubliceerd bericht, blaast de verdachte hoog van de toren en vertelt een voor hem geloofwaardig verhaal. Voorts vertelt hij dat de duikboot niet op zijn perceel is gevonden maar 10 kilometer verder op een ander terrein. De rijsthandelaar verklaart het zeer onaangenaam te vinden dat er vanwege het Openbaar Ministerie een opsporingsbericht tegen hem is uitgegaan. Oedit verklaarde binnen twee weken weer gewoon naar ons land te zullen afreizen. Oedit stelt ook zijn advocaten Kanhai en Cotino ingeschakeld te hebben om hem in deze zaken bij te staan. Inmiddels heeft het parlementslid Mathoera aangegeven dat Suriname desnoods een verzoek bij Interpol moet deponeren om Oedit uitgeleverd te krijgen, ook kan een beroep op de Nederlandse regering gedaan worden de man terug te sturen zodat hij in handen van de justitie kan vallen. Mathoera stelt ook, dat bij de meeste grote drugsvangsten de grote boys vrijwel altijd buiten schot blijven en zegt dat dit te maken heeft met de contacten die ze met hoge regeringsautoriteiten onderhouden. Drugscriminelen met veroordelingen op naam, lopen volgens de wetgeefster rond bij ministers en gaan zelfs op de foto met de president. Volgens Mathoera zijn wij aardig op weg als volledige narcostaat weggezet te worden. Ook is Mathoera van mening dat we het grote risico lopen straks op de zwarte lijst te belanden. Mathoera doelt hierbij vrijwel zeker op boycots tegen ons land die vrijwel zeker vanuit de bancaire wereld kunnen worden toegepast. Het assembleelid is niet ver genoeg gegaan naar onze mening. Nu reeds is het zo dat bepaalde financiële instellingen in het buitenland ons als ‘high risk’ country zien en geen zaken meer met ons willen doen. Dit heeft alles te maken met de grootschalige witwaspraktijken in ons land waarbij op grote schaal drugsgeld wordt witgewassen. Gerenommeerde buitenlandse instellingen willen hun goede naam niet verbinden aan witwaslanden waar criminelen op grote schaal de ruimte wordt geboden hun smerige drugsdollars wit te wassen. Verschillende ondernemers in Suriname hebben al van hun buitenlandse banken vernomen dat ze andere, nog toegankelijke instellingen moeten benaderen om hun financiële transacties rond te krijgen, want zaken doen met dit land is voor hen niet langer zonder risico. Ook heeft de ex-commissaris van politie en thans assembleelid voor de VHP, haar ongerustheid uitgesproken over het ontmantelen van justitiële afdelingen die belast waren met de bestrijding van de georganiseerde criminaliteit. Deze ontmantelingen vonden plaats kort nadat de regering in 2010 was aangetreden. We zijn met de bestrijding van de grensoverschrijdende criminaliteit momenteel zeker niet op de goede weg.