ECONOMISCHE GROEIVERWACHTING TE GERING

De Caribische Ontwikkelingsbank debiteert dat Suriname met een economische groei van 1,2 procent langzaam uit zijn economische dip van de afgelopen 3 jaar aan het kruipen is, maar de recessie is nog zeker niet voorbij. Suriname zou van de verhoogde goudprijzen de komende tijd kunnen profiteren en er bestaat de mogelijkheid dat er verbetering optreedt in de macro-economie. Uit kringen van economisten vernemen, wij dat de groeivoorspelling van de Caribbean Development Bank, CDB, wel kan kloppen, maar dat een dergelijke groei nog veel te laag is om in een hoerastemming te geraken. De overheid kan nog steeds niet in voldoende mate aan haar maandelijkse financiële verplichtingen voldoen. Haar inkomsten zijn nog steeds zeer onvoldoende, tegenover haar veel te hoge uitgaven. Haar beleid voor wat betreft bezuinigingen, is nog steeds niet wat het wezen moet. En de overheid kijkt tegen buitenlandse leningen aan, die tegen te hoge rentelasten moeten worden afgelost. De meest noodzakelijke belastingmaatregelen die de overheid zou moeten doorvoeren, komen maar niet van de grond, omdat die voor nog meer onvrede zouden zorgen. Voorts loopt deze regering het risico geconfronteerd te worden met een verlaagde rating door de ratingbureaus Moody’s en Standard& Poor’s. Als onze ratings verlaagd worden, worden we gerangschikt in de categorie van Junkstaten en zal hierdoor het verkrijgen van de meest noodzakelijke buitenlandse kredieten, nog moeilijker en kostbaarder worden. De regering Bouterse tracht momenteel zaken beter voor te stellen dan ze in werkelijkheid zijn, en schermt met een groei van 1,2 procent om de indruk te wekken, dat we al uit de recessie zijn. Het tegendeel is waar. Ze zal naar de mening van economisten en andere deskundigen bijvoorbeeld, veel meer aan haar verdiencapaciteit moeten doen, haar aanhoudende verspilling overboord moeten zetten en ook haar populistisch beleid moeten temperen. Zolang een overheid niet in staat is een goede medische zorg en onderwijs te garanderen, het openbaar vervoer niet juist functioneert en de prijzen in de winkels maar blijven stijgen, heeft het volk van Suriname niets aan een voormelde economische groei van 1,2 procent. Een minimale procentuele stijging die namelijk geen halt aan de verarming en hoge werkloosheid brengt. Bovendien is het zo, dat de jaarlijkse aflossingen van de buitenlandse schulden, de overheid nauwelijks of geen speelruimte bieden om meer voor de samenleving te kunnen doen. Suriname moet er dan ook alles aan doen om van de wurgende grote buitenlandse schulden af te komen. Een opgave die zeker niet als eenvoudig mag worden gezien.