Sharman: ‘Suriname nog niet klaar voor hennepteelt’

De teelt van hennep, het woord voor cannabisplanten die industriële doeleinden dienen, is ondanks de wijziging van de Wet verdovende middelen, nog niet mogelijk in Suriname. Volgens VHP-parlementariër Dew Sharman, is Suriname nog niet klaar hiervoor. Enkele weken terug is de Wet verdovende middelen met 33 stemmen gewijzigd in De Nationale Assemblee. Hiermee is cannabis met een Tetrahydrocannabinol (THC) gehalte van 1,5 procent voor medicinale doeleinden legaal geworden.

In de gewijzigde wet zijn de bepalingen voor de industriële hennepteelt niet opgenomen. Volgens Sharman zijn de controle instituten van Suriname zwak. In de afgelopen periode zijn veel harddrugs, waarvan verondersteld wordt dat die via Suriname komen, op vooral Europese havens onderschept. “Dat betekent dat zware jongens de illegale drug gemakkelijk het land binnen kunnen krijgen. Met de overgang naar de teelt van hennep, moet in zekere mate voorkomen kunnen worden dat het product in de illegale sfeer geteeld en gebruikt wordt”, legde Sharman uit.

Ook de procureur-generaal heeft de commissie dit afgeraden, omdat dat internationaal niet gangbaar is en de wettekst moeilijk leesbaar zou zijn.

Sharman legde uit dat er twee soorten cannabis zijn, namelijk marihuana en hennep. “Als Suriname wil starten met de teelt van hennep, moet er voldoende controle zijn over de teelt, de import, de telers. Anders wordt al gauw overgestapt tot de illegale teelt van marihuana, welke zal leiden tot een groter drugsprobleem”, voerde Sharman aan.

Het telen van hennep kan Suriname miljoenen opleveren aan inkomsten uit verwerking. Volgens Sharman is het niet nodig om over te stappen naar de teelt van dit product als de controlemechanismen niet in orde zijn. Volgens hem zijn er vele andere producten waarvoor er grote belangstelling is, zoals kokos, cassave, citrus en gember. Hij geeft aan dat Suriname geen nieuw product hoeft te exporteren, terwijl we nog een plek op de wereldmarkt moeten vinden. Bovendien wijst hij op het feit dat Suriname ook nog zal moeten concurreren met grote landen.

-door Priscilla Kia-