Grondaanvragers verdienen geen voor-de-gek-houderij

PL-volksvertegenwoordiger van Commewijne, Ingrid Karta-Bink, vraagt zich af waar het geld is gebleven van de ruim 1000 personen, die zich in 2014-2015 geregistreerd hebben bij een campagne voor gronduitgifte om in aanmerking te komen voor een perceel in Richelieu. De mensen moesten bij de registratie een bedrag van SRD 4200 betalen voor ontsluitingskosten. Van de 1000 personen hebben er slechts 100 een bereidverklaring ontvangen. Karta-Bink wil niet alleen weten waar de bereidverklaringen van de overige 900 mensen zijn gebleven, maar ook vraagt zij zich af waar het geld, in totaal SRD 4,2 miljoen, is. Ze zegt dat het erop lijkt dat de mensen zo-maar ontsluitingskosten hebben betaald, want zij kunnen tot nog toe hun perceel niet bereiken.

De volksvertegenwoordiger wil weten waarom de wegen nog niet zijn aangelegd. Dit is volgens Karta-Bink het zoveelste gesjoemel met grond. Ze vindt het niet kunnen dat mensen die zoeken naar rechtszekerheid voor de gek worden gehouden. Ze wijst erop dat de uitgifte van grond aan burgers geen gunst is van de regering, het is volgens haar een plicht van de overheid. “Elke burger heeft recht op een stuk land”, aldus de PL-volksvertegenwoordiger van Commewijne.

Volgens Karta-Bink stelde de vorige minister van Ruimtelijke ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB), dat de mensen hun gelden terug moesten halen, aangezien zij een persoon betaald hadden om een bereidverklaring te krijgen. Volgens de vorige minister was die persoon geen instantie die belast is met gronduitgifte. Echter merkt Karta-Bink op dat de mensen hun geld niet zijn gaan halen, in de hoop hun bereidverklaringen alsnog te krijgen.

door Richelle Mac-Nack