8 Decemberstrafproces: OM eist vrijspraak tegen De Bie, Alibux, Caldeira en Themen

Het Openbaar Ministerie (OM) vertegenwoordigd in de persoon van auditeur-militair Roy Elgin, heeft vandaag tijdens een openbare zitting van de Krijgsraad in de Militaire Kamer aan de Wulfingh-straat, vrijspraak geëist tegen Dick de Bie, Errol Alibux, Winston Caldeira en Imro Themen, allen verdachten in het 8 Decemberstrafproces. Tegen Themen is er vanwege gebrek aan bewijs vrijspraak geëist. De raadsman van de verdachten, Irvin Kandhai, werd vertegenwoordigd door Arjen Ramlakhan.  De Krijgsraad heeft nog niet bekendgemaakt wanneer de zaken van de andere verdachten voort worden gezet. Ook is het nog niet duidelijk wanneer de advocaten van de verdachten hun pleidooi mogen houden.

Caldeira heeft vanaf het begin aangegeven dat hij onschuldig is en dat hij niet betrokken is geweest bij de beraming van de plannen om de vijftien mensen te vermoorden. Volgens hem komt zijn naam onterecht voor op de verdachtenlijst.

In december 1982 was De Bie hoofd van de Nationale Voorlichtingsdienst (NVD). Ook hij heeft steeds ontkend dat hij iets te maken heeft gehad met de moorden op 8 december. Hij was in 1996 minister van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT), tijdens de toenmalige NDP-regering.

Tegen Alibux die vandaag 69 jaar is geworden, heeft de auditeur-militair gezegd, dat er niet voldoende bewijs is tegen hem. Tijdens zijn verhoor in 2012 heeft Alibux verklaard dat ook hij niets te maken heeft met de uitlokking of moord op de vijftien critici door het toenmalige militair bewind. Alibux gaf aan dat hij toen geen adviseur was van de legerleider, Desiré Bouterse. Mensen die beweren dat hij samen met toenmalige Palu-voorzitter, Iwan Krolis, op 8 december in het Fort aanwezig was, spreken volgens hem niet de waarheid.

Themen heeft tijdens zijn verhoor in 2012 ontkend dat hij enige betrokkenheid heeft gehad bij het beramen van de moordplannen en het uitvoeren hiervan. Hij wordt beschuldigd voor uitlokking tot moord of moord op de vijftien critici. Volgens hem behoort zijn naam niet op de lijst van verdachten te staan.

-door Johannes Damodar Patak-