Taalbarrière of opzet?

Het is overduidelijk dat een groot deel van de winkels en andere zaken in handen zijn van Chinezen. Zij moeten voor het goede verloop van de werkzaamheden in hun bedrijf, werknemers in dienst nemen. Een normale zaak, alleen krijgt een groot deel van de mensen dat gaat werken, slechts een salaris en geen secundaire voorzieningen. Dit betekent dat de werknemers geen zorgverzekering en pensioenregeling hebben. Ook krijgen zij vaak minder betaald dan het bij wet bepaalde minimumuurloon. Als werknemers hier vragen over hebben, worden ze vaak afgewimpeld, veelal zegt de werkgever dat hij het niet begrijpt: “Mi ne ferstan, mi ne begrijp, mi no sabi dati”, waren onder andere de reacties die werknemers van supermarkten en kledingzaken kregen van hun werkgever nadat zij uitleg over hun salaris vroegen. Sinds kort zijn alle werkgevers verplicht deze zaken in orde te maken voor hun werknemers. Werkgevers zijn volgens de wet onder meer verplicht om minimaal 50 procent van de medische premie te dekken voor hun werknemers. Parlementariërs die zitting hebben in de commissie van Arbeid, erkennen dat een groot deel van de werkgevers in de winkeliersbranche, zich niet houdt aan de drie sociale wetten die in 2014 zijn goedgekeurd in DNA, namelijk de Wet Nationale Basiszorgverzekering, Minimumuurloon en Algemeen Pensioen. Gebleken is dat de inspectie wel op de hoogte is, maar op dit moment met ernstige tekortkomingen te maken heeft, zoals de grote uitstroom van inspecteurs en de nodige tools. De Arbeidsinspectie is bezig om het tekort aan inspecteurs op te lossen. Voor nu is het belangrijk dat deze werkgevers de nodige training krijgen om beter te communiceren met hun werknemers en zich houden aan de wetten van ons land als het aankomt op de Wet Nationale Basiszorgverzekering, Minimumuurloon en Algemeen Pensioen.