OPIUMWET

Artikel 2 van de herziene ‘Opiumwet’ luidt als volgt: ‘Het is verboden te telen Papaver Somniferum (L), Canabis Sativa (L), Erythroxylon coca (Lamarck), Erythroxylon Novogranatense (Morris), Hieronymus, zomede andere Erythroxylaceën en andere soorten van hetzelfde geslacht, uit welker blad rechtstreeks of middelijk cocaïne kan worden gemaakt’. Cannabis en de teelt daarvan wordt gelijk gesteld met de teelt van bijvoorbeeld papaver. In deze wet wordt er dus geen onderscheid gemaakt tussen de vele cannabis soorten. Toch verraste minister Patrick Pengel ons vorige week vrijdag, toen hij tijdens de openbare commissievergadering in DNA aangaf, dat hij sinds vorige maand al enkele beschikkingen heeft doen uitgaan inzake teelt en verwerking van cannabis voor wetenschappelijke en industriële doeleinden. De minister stelde als verweer dat de wet hem die bevoegdheden geeft. De procureur-generaal (PG), Roy Baidjnath Panday, heeft daarop gereageerd en ook gelijk gezegd, dat het telen van cannabis tot nog toe strafbaar is volgens de wet. Daarom moet de minister het niet vreemd vinden dat het Openbaar Ministerie bij zijn standpunt blijft, dat de teelt van cannabis in strijd is met de huidige Wet verdovende middelen. Deze wet moet eerst gewijzigd worden, alvorens men overgaat tot het telen, produceren, verwerken en uitvoeren van het product. Deze wetswijziging zal moeten geschieden op controleerbare wijze. De PG zal altijd handelen volgens de wet, daar is geen speld tussen te krijgen. Van een minister wordt op zijn minst verwacht, dat hij de wet op dit stuk kent. Hij moet eerst zaken goed bestuderen en afhandelen alvorens hij beslissingen neemt. De minister van Volksgezondheid moet niet denken dat hij de wijsheid in pacht heeft en dat hij zaken op zijn manier kan doordrukken. Maar je vraagt je dan wel af, waarom Pengel zoveel haast heeft met de teelt? Er is nog steeds een schaarste aan bepaalde babyvaccines, of interesseert dat vraagstuk hem niet? De minister van Volksgezondheid heeft ook geklaagd dat de PG geen toestemming wil geven om cannabiszaden die momenteel in de haven liggen, in te kunnen klaren. De PG is in deze zaak meer dan duidelijk geweest, zonder de wijziging van de wet, is het strafbaar om cannabis te telen. De PG zal zeker alert blijven, want de wet moet nageleefd worden. Indien er daadwerkelijk een wetswijziging zal komen, dan kunnen we verder discussiëren over het feit waarom men pro of contra legaliseren is. De initiatieven van vooral lokale en of regionale overheden om de teelt en verkoop van (medische) cannabis te legaliseren of reguleren volgen elkaar snel op. Heel wat landen, regio’s en steden, hebben het gebruik en het be-zit van kleine hoeveelheden gedecriminaliseerd en voeren in de praktijk een gedoogbeleid. Suriname zal dus niet het eerste land ter wereld zijn, noch het eerste Zuid-Amerikaanse land (Uruguay is Suriname op 5 mei 2014 voor geweest) en daarnaast nog enkele Noord-Amerikaanse Staten, te weten Colorado, Washington, New York (21ste staat die dit toestaat) Italië en Berlijn, zijn voorbeelden. De laatste twee landen overwegen zelfs de opening van de eerste legale coffee shops.