GEROMMEL IN HET ACHTERLAND

Suriname heeft, zoals bekend, een groot financieel probleem. Vooral heerst er een gebrek aan vreemde valuta om de economie op een ordentelijke wijze te kunnen draaien. Door de zeker met 50 procent gedaalde prijs voor een barrel aardolie enkele jaren geleden, zijn de opbrengsten van Staatsolie enorm teruggelopen en is het thans zelfs zo, dat het bedrijf om te kunnen overleven, een aanmerkelijk deel van zijn aandelen wenst te verkopen in het buitenland. Het is afwachten wie belangstelling heeft om in Staatolie te investeren, omdat er wereldomvattend nog steeds een enorm aanbod aan aardolie en aardolieproducten is. Overigens is het zo, dat investeerders eerst kijken naar een interessante plaats om hun geld te parkeren. En dan denken wij niet, dat ons Staatsolie bedrijf gelijk in de belangstelling zal vallen. Ook de goudsector heeft veel betere tijden gekend, al is de huidige prijs op de wereldmarkt voor een troy ounce goud momenteel niet slecht. We moeten het dan thans ook grotendeels hebben van de export van goud en producten afkomstig van Staatsolie. Een enorm verlies, dat we ook hebben moeten incasseren, betreft het stilleggen van de bauxietindustrie en de sluiting van de raffinaderij te Paranam. Suralco leverde tot enkele jaren geleden nog een significante bijdrage aan de Surinaamse economie bij de afdracht van miljoenen Amerikaanse dollars. Dat verlies is hard aangekomen voor de regering Bouterse en in het verlengde daarvan de Surinaamse gemeenschap. Door het verlies van deze inkomsten, zijn we ook in één klap een stuk armer geraakt. Maar Suriname moet als land doorgaan, dus moeten andere exportproducten in een veelvoud worden uitgevoerd. Zo maken wij nu mee dat er vooral in de houtsector enorm wordt gerommeld. Er zijn ernstige aanwijzingen dat er op grote schaal aan kaalkap wordt gedaan in met name het district Brokopondo. Een ooggetuige die de afgelopen week voor zijn werk in het district moest zijn, noteerde op één dag wel 39 zwaar beladen opleggers met boomstammen die vanuit Brokopondo richting Paramaribo reden. Het hoeft dan ook nauwelijks een lang betoog wat voor schade er uiteindelijk aan de Martin Luther Kingweg wordt aangebracht. Er wordt niet slechts over de weg hout naar onze hoofdstad vervoerd, er zijn ook enorme pontons op de Surinamerivier gesignaleerd waarin boomstammen worden geladen die vermoedelijk op een andere locatie zullen worden overgeladen in zeewaardige schepen. En waar gaan deze zeewaardige schepen uiteindelijk naartoe? Volgens onze informatie gaan de scheepsladingen voornamelijk naar China. Dus niet slechts in vrachtcontainers gaat ons hout op grote schaal weg, maar ook als losse lading in vrachtschepen. Of de SBB en de douane op de hoogte zijn van al deze houttransporten en -exporten, kunnen wij niet met stelligheid verklaren. Wat wij wel weten, is dat er op grote schaal en in enorm tempo wordt gezaagd in het binnenland en dat bepaalde lieden stervensrijk worden en men in China in zijn vuistje lacht. En dat allemaal om zoveel mogelijk vreemde valuta te verdienen. Maar komen deze meer verdiensten de Surinaamse samenleving wel ten goede of verdwijnt dat geld toch maar in de zakken van de bekende selectie aan houtrovers? Suriname heeft veel vreemde valuta nodig en het moet voor een ieder duidelijk zijn, dat een kleine groep bezig is de natuurlijke hulpbronnen van dit land te plunderen en de overgrote meerderheid mag in armoede voort blijven leven. Voor deze enorme hout-uitvoer, kan Suriname rekenen op enkele honderden woningen voor partijloyalisten en vrienden en het asfalteren van enkele primaire en secundaire wegen in stad en district. Wat weegt eigenlijk zwaarder en waar heeft Suriname nou daadwerkelijk echt voordeel van? Het moet voor een ieder duidelijk zijn, dat Beijing wederdiensten van de Surinaamse overheid verwacht. Het is namelijk nog altijd zo dat voor niets de zon opgaat.