PAKKETTENGEROMMEL

De regering Bouterse heeft vanaf haar aantreden in 2010 een dusdanig verkwistend beleid gepleegd, dat Suriname anno 2017 enorme financiële problemen heeft en de staat al enkele jaren haar rekeningen niet of nauwelijks betaalt, omdat haar middelen grotendeels zijn opgedroogd. Toen ze overnam in 2010, had ze te maken met een SRD die voor de volle 100 procent was gedekt en kon ze ook nog bogen op een deviezenvoorraad van minimaal 800 miljoen dollar. Deze deviezenvoorraad en een uitstekende financiële positie heeft verblindend gewerkt en gelijk begon ze met overmatig spenderen van de beschikbare middelen. Bovendien was het zo, dat in die periode en wel tot 2012, de inkomsten uit de aardoliesector, goudsector en bauxietsector, nog in zeer voldoende mate binnenstroomden. Toen de wereldmarktprijzen voor bauxiet, goud en vooral aardolie, drastisch kelderden, vielen ook de inkomsten als een baksteen omlaag. Men was nog steeds in een soort feestroes van de grote inkomsten en niemand had gedacht aan een garantiefonds voor eventueel slechte tijden. De uitgaven van staatswege waren tijdens de tijd van reusachtige inkomsten ook gestegen. Plotsklaps werd de regering Bouterse geconfronteerd met zwaar afnemende inkomsten en het ontbreken van een garantiefonds. Hoe moest men dit enorme vraagstuk vervolgens aanpakken? De weg van de minste weerstand werd bewandeld en men ging graaien in de monetaire reserves. Die zijn in de afgelopen jaren van afknabbelen op de Centrale Bank gezakt naar ver onder de 400 miljoen. De dekking van de SRD viel in december 2015 al voor een groot deel weg waardoor de devaluatie onvermijdelijk werd. Daarna volgden verdere ontwaarding van de SRD. Van 3.35,- voor een dollar, kelderde de waarde van onze munteenheid naar het huidige punt van 7.55, de cambiokoers voor een dollar. De inflatie deed zich door deze waardevermindering van de dollar in de afgelopen 1.5 jaar ook ernstig gevoelen en de inflatie maakte een ieder een stuk armer. De verarming heeft thans zulke vormen aangenomen, dat velen zich niet meer op een verantwoorde wijze kunnen voeden, omdat ze eenvoudig het geld daarvoor niet hebben. Het is al jaren zo, dat veel loontrekkers in de tweede week van de maand al door hun salaris heen zijn en tot lenen overgaan of goederen bij een bevriende detailhandelaar op de pof nemen. Lenen en nog eens lenen en steeds meer schulden maken, is een fenomeen waar velen het slachtoffer van zijn geworden en dat allemaal door slecht financieel, economisch en monetair beleid van een regering Bouterse I en II. En terwijl een Andre Misiekaba beweert dat zeer weinig mensen in dit land niet kunnen eten, hebben velen grote problemen om dagelijks voedsel op tafel te zetten. Misiekaba moet zaken niet verdraaien ,heeft hij zich ooit afgevraagd hoeveel keren per dag een arm gezin in staat is voeding op tafel te brengen. Misiekaba moet vertellen of de voedingswaarde wel optimaal is in een doorsnee gezin. Als je rijst met zoute vis eet en dat slechts één keer per dag, dan kan er niet gesproken worden van een gezonde maaltijd en is dat zeker niet voldoende om gezond te blijven. Ondervoeding en ziekte staan dan wel veel sneller voor de deur. Misiekaba kan met zijn vorstelijke assembleesalaris goed uit de voeten en moet niet denken dat anderen op een soortgelijke voet kunnen leven. Hoeveel kinderen gaan tijdens een schooljaar niet met een lege maag naar school, meneer de wetgever? En als ze na school thuiskomen, weten ze niet of ze een voedzaam gerecht op tafel vinden, meneer Andre. En hoeveel kinderen gaan ‘s avonds niet met honger naar bed, pastor Misiekaba? Misiekaba weet precies hoe de vork in de steel zit en toch tracht hij een andere voorstelling van zaken te geven. Bescherming van zijn positie als assembleelid geldt voor hem als prioriteit nummer één en hij zal daarom NDP falend beleid met hand en tand blijven verdedigen. Andre weet nu ook dat duizenden gezinnen afhankelijk zijn gemaakt van de pakketten die thans niet door Sociale Zaken en Volkshuisvesting worden verzorgd, maar door een stel groothandelaren die bekend staan als woekeraars. Deze mensen moeten miljoenen van de overheid krijgen en mogen nu pakketten samenstellen voor zwaar verarmde Surinamers die nog maar nauwelijks kunnen eten. Het ernstige vermoeden bestaat dan ook, dat de overheid in het geniep een deal heeft gesloten met deze groothandelaren om pakketgoederen binnen te halen en daarbij geen invoerrechten en accijnzen hoeven neer te tellen. Een deel van de geïmporteerde goederen waar ontheffingen voor zijn verleend, gaat naar de pakketten en het andere, zeker niet geringe deel, gaat gewoon de handel in en daar wordt fors winst op gemaakt. Zo worden de importeurs die heulen met de NDP en die geld moeten ontvangen dat Lanti ze moet betalen voor geleverde goederen in het recente verleden, in de gelegenheid gesteld het verlies weg te werken. En dan wenst men over bestrijding van corruptie te praten. Dit heeft alles met corruptie en populisme te maken. En dit beleid van het afhankelijk maken van ‘stemvee’ moet leiden tot nieuwe verkiezingswinst in 2020. Een regering die een volk afhankelijk maakt van pakketten en niet streeft naar voldoende werkgelegenheid en eigen verdiensten van de loontrekker, heeft een misdadige agenda die er alleen op gericht is de macht te consolideren.