Boldewijn voor rechtstreeks kiezen president

Bestuurskundige August Boldewijn zegt desgevraagd dat hij een voorstander is van een presidentieel kiesstelsel in ons land, welke inhoudt dat de president rechtsreeks wordt gekozen door het volk. Wel vindt hij dat er dan een duidelijk onderscheid moet worden gemaakt wanneer de president optreedt als staatshoofd en wanneer als regeringsleider. Boldewijn benadrukt dat zo een president dan maar twee termijnen mag aanzitten, want het moet volgens hem niet zo zijn dat men denkt dat het presidentschap zijn/haar eigendom is. “Wij moeten voorkomen dat wij dan op den duur te maken zullen hebben met een dictator”, aldus de bestuurskundige. Hij vertelt dat de president volgens dit systeem meer macht en bevoegdheden van het volk krijgt. De president zal volgens Boldewijn niet alleen de buitenlandpolitiek bepalen, maar zal ook verbintenissen kunnen aangaan met landen. Hij verklaart dat het risico bestaat dat de president met bepaalde landen verbintenissen aangaat die door het volk als ongewenst worden gezien. Boldewijn haalt aan dat wij nu een gemengd kiesstelsel hebben, waarbij de president door twee derde meerderheid in het parlement wordt gekozen. Bij dit systeem kan de meerderheid in het parlement middels een motie van wantrouwen de president laten aftreden, terwijl bij het presidentieel kiesstelsel de president niet door het parlement naar huis gestuurd kan worden. Ook al heeft de president geen meerderheid meer in het parlement, kan hij niet worden weggestuurd.

Boldewijn verwijst in dit kader naar de ex-president van de Verenigde Staten (VS), die een minderheid had in de Senaat en het Huis van Afgevaardigden.

Het enige dat kan gebeuren, is dat de wetvoorstellen van de president bij een minderheid in het parlement, niet worden aangenomen.

Een andere bevoegdheid die een president krijgt door rechtstreeks gekozen te worden door het volk, is het vetorecht. Boldewijn legt uit dat de president dit recht kan gebruiken als een wetvoorstel van hem niet wordt aangenomen in het parlement. Hij zegt tegelijkertijd dat het vetorecht van de president verworpen kan worden door een tweederde meerderheid. Een ander mogelijkheid van een verkiezingsstelsel is het kabinetssysteem dat ons land na de onafhankelijkheid in 1975 heeft gekend. Boldewijn legt uit dat dit systeem inhoudt dat er een ceremoniële president en een minister-president worden gekozen door tweederde meerderheid in het parlement. Hij vertelt dat de ceremoniële president zich officieel niet bezighoudt met politiek, maar boven alle problemen staat, terwijl een minister-president de eerste onder zijn gelijken is. De ministers zijn dan verantwoordelijkheid verschuldigd aan het parlement. Boldewijn zegt dat in ons huidige systeem de ministers secretarissen/secretaressen zijn van de president die namens hem verantwoordelijkheid afleggen. Bij dit systeem kan een minister door de tweederde meerderheid in het parlement niet middels een motie van wantrouwen worden weggestuurd, terwijl dit bij het kabinetssysteem wel mogelijk is, omdat de ministers rechtstreeks verantwoordelijkheid verschuldigd zijn aan het parlement. “De president kan bij een gemengd systeem meegaan met de motie van wantrouwen, maar het hoeft niet”, aldus Boldewijn.

Een ander probleem dat in ons land speelt, zijn volgens hem de politieke partijen. Als voorbeeld haalt hij aan Nederland, waar er al geruime tijd onderhandeld wordt met partijen om een regering te kunnen vormen. De bestuurskundige zegt dat de onderhandelingen in ons land om een regering te vormen binnen no time worden afgerond. Hij benadrukt dat in tegenstelling tot Nederland, ons land geen ideologische politieke partijen heeft, maar pragmatische partijen. Boldewijn verklaart dat onze politieke partijen met de stroom meegaan, terwijl bij ideologische partijen het belangrijk is dat de ideologie van de regerende partijen overeenkomt zodat zij gezamenlijk besluiten kunnen nemen. “Ideologieën spelen hier geen rol”, aldus Boldewijn. Wat in ons land geldt, is volgens hem: “Wat kan ik bereiken, wat kan ik halen en wat heb ik mijn kiezers beloofd.”

-door Johannes Damodar Patak-