KLINKLARE KLETSKOEK

‘’Suriname kan verder zonder IMF-programma’, aldus een kop in een lokaal dagblad. De kop is gebaseerd op lulkoek van onze minister van Financiën, Gillmore Hoefdraad. We kunnen niet verder met het IMF, maar moeten verder zonder het hulpfonds uit de Verenigde Staten van Amerika, omdat we niet in staat zijn aan de eisen van het fonds te voldoen en omdat Bouterse als de dood zo bang is voor de gevolgen indien we ons stipt zouden houden aan hetgeen het IMF heeft gesteld als voorwaarde voor een verdere financiële hulpverlening, die in totaal ruim 470 miljoen US-dollar zou bedragen. Hoefdraad vertelt voor de zoveelste keer een verhaal aan het parlement dat als uitermate ongeloofwaardig overkomt en waar in brede kring met de nodige hoon over gesproken wordt. Plotsklaps heeft Suriname volgens Hoefdraad geen behoefte meer aan het IMF, het zou volgens hem beter gaan met de economie van dit land. Hoefdraad zou met het IMF de huidige, volgens hem positieve, cijfers hebben besproken met het IMF en beide partijen zouden tot de conclusie zijn gekomen, dat onder deze omstandigheden Suriname niet in aanmerking komt voor verdere IMF-hulp. Hoefdraad heeft het altijd maar over positieve cijfers, maar toont ze bewust niet. Deed hij voor de verkiezingen van 2015 ook niet en vertelde toen ook een positief verhaal, terwijl hij wist dat de monetaire reserves op een onverantwoordelijke wijze waren aangesproken met als doel een vertekend beeld van de financiële en monetaire realiteit te geven en de verkiezingen in het voordeel van de NDP te beslechten. Volgens Hoefdraad zou er thans zelfs een overschot op de lopende rekening zijn. Maar ook hier toont hij voor zover ons bekend geen cijfers aan het Hoogste College van Staat. Ook zou de wisselkoers thans een stabiele trend vertonen. Er is daadwerkelijk sprake van een stabiele trend, doch niet van een gezonde stabiliteit, zoals we die voor augustus 2010 hebben gekend. De koers is, zoals bekend, overgeleverd aan het mechanisme van vraag en aanbod en kan dus elk moment weer gaan schommelen en zeker niet een enorme daling vertonen, want daarvoor is de dekking van de SRD te ernstig verzwakt. Dat er thans sprake is van een stabiele trend in de wisselkoers, heeft naar onze mening alles te maken met een tijdelijke vermindering in de import van prodcuten en dat kan met de tijd van het jaar te maken hebben. Overigens is het zo dat de vraag kan zijn afgenomen wegens het niet voldoende voorhanden hebben van SRD bij veel personen en instanties. Het is namelijk geen geheim dat men in de afgelopen tijd via het bankwezen behoorlijk wat SRD van de markt heeft afgeroomd om de grote vraag naar vreemd geld te ontmoedigen. Met betrekking tot het IMF, wenst Hoefdraad zaken voorlopig zo te laten voortsudderen en te wachten op een evaluatie van het IMF dat eind dit jaar zal uitkomen. Ook haalde Hoefdraad in het parlement een deviezenreserve van 392.8 miljoen dollar aan die naar onze mening een maand geleden wederom was gedaald. Deze reserve zou voldoende zijn voor een importdekking van 2.6 maanden, iets waarover de minister zich eigenlijk zou moeten schamen. Onder Telting was de importdekking, gezien de sterke monetaire reserves die tegen de 800 miljoen dollar beliepen, 4 maanden en de norm van Telting was 6 maanden. Er is dus hier sprake van een vreselijke achteruitgang in de importdekking. Hoefdraad tracht de slechte importdekking te vergoelijken door zich achter de importen van de mijnbouwmaatschap-pijen te verschuilen. Die zou dan ineens 3.8 maanden zijn. Wat wij steeds weer zeer vreemd vinden, is dat deze statitisch onderlegde bewindsman ons steeds wenst te doen geloven dat we op de goede weg zijn en dan komen twee gerenommeerde ratingbureaus, Fitch en Standard & Poor’s, met verontrustende afwaarderingen van onze kredietwaardigheid als land. Nog maar enkele weken geleden werden we met onze neus op de feiten gedrukt en ons duidelijk gemaakt dat het bar slecht gaat met onze economie en dat onze kredietwaardigheid vergeleken kon worden met een land dat eigenlijk failliet is of heel dichtbij de zogeheten junk status. Als we werkelijk de goede kant opgaan, waarom zijn er recentelijk dan weer maatregelen afgekondigd die het alleen maar moeilijker maken aan deviezen te komen voor belangrijke betalingen in het buitenland. De regering gaat rustig door met het uitmelken van de bevolking. Hoefdraad geeft ook aan dat het geld, dat nu binnenkomt, voor een groot deel wordt verkregen door de verhoogde govern-ment take. Dus de verhoogde brandstofprijzen waar zo-veel over te doen is geweest en waarvoor mensen tot straatacties overgingen, brengen thans de middelen op om de herwaarderingen van onder meer het onderwijzend personeel te betalen. Hoef-draad moet ons geen knol-len voor citroenen trachten te verkopen. Tot op heden betaalt de overheid haar schulden heel slecht of helemaal niet en brengt ze nog steeds door haar funeste beleid veel bedrijven in groot gevaar. Er zijn ondernemingen die al langer dan drie jaar tonnen en miljoenen van Lanti moeten ontvangen. Hoe durft deze man dan te vertellen dat we financieel en economisch de goe-de kant opgaan, terwijl velen in dit land steeds erger pienaren? Hoe denkt hij de rest van de ambtenarij te herwaarderen als bepaalde on-derdelen nu al salariseisen stellen van SRD 4000,- per persoon per maand? Waar-om kan de begroting nog steeds niet in behandeling genomen worden in DNA? Waar blijft het Meerjaren Ontwikkelingsplan, MOP, dat vermoedelijk wegens ernstig gebrek aan middelen toch niet uitgevoerd zal kunnen worden en slechts een document zal blijven? Deze regering moet ophouden ons al-lerlei kletsverhaaltjes te vertellen, terwijl we beter weten en ook in staat zijn de juist informatie in te winnen. Wie gelooft de verhalen uit de Ta-marindelaan nog, terwijl in de praktijk dagelijks blijkt dat ze of halve waarheden vertegenwoordigen of gewoon hele leugens zijn.