INDIRECTE BEDREIGING

Volgens de gisteren genomen beslissing van het Hof van Justitie, moet het 8 december 1982 moordproces gewoon voortgang vinden. Vorig jaar werd de procureur-generaal (PG) in een beschikking van het staatshoofd tevens hoofdverdachte, opgedragen de vervolging van alle verdachten in deze spraakmakende strafzaak onmiddellijk te staken. De voortzetting zou volgens de beschikking de staatsveiligheid in gevaar kunnen brengen. De regering baseerde haar ingreep op basis van artikel 148 uit onze Grondwet. De Krijgsraad besliste echter de zaak gewoon voort te zetten, omdat de opdracht bij het Openbaar Ministerie (OM) was gedeponeerd en niet bij de rechtbank. Zoals bekend, ging de PG in hoger beroep tegen de stelling van de Krijgsraad. Het hof oordeelde echter dat het hoger beroep van de PG op geen enkel wetsartikel of voorziening in de Surinaamse wetgeving, met name het Wetboek van Strafvordering is geënt. Daarom werd het OM in deze zaak als niet ontvankelijk verklaard en werd de zaak terugverwezen naar de Krijgsraad. Volgens de minister van Justitie en Politie, Eugene van der San, een ware adorateur en pajongwaaier van Bouterse, zal de regering de afwijzing in hoger beroep in de decembermoorden strafzaak respecteren. Zulks verklaarde Van der San in De Nationale Assemblee. Van der San zei er wijselijk niet bij of Bouterse deze afwijzing zal accepteren. De adorateur op JusPol zei ook, dat er een moment zal komen waar de uitvoerende macht dan ‘’ in charge zal zijn’’. Omtrent het laatste, gaf Van der San geen uiteenzetting. De Nationale Assemblee als wetgevende macht en ook de rechterlijke macht, mogen het ‘in charge zijn’ van Van der San gerust als een indirecte bedreiging naar beide pijlers van de trias politica zien. Wij kennen allemaal de NDP en haar leiding en weten dat in deze paarse organisatie de schijndemocraten zwaar vertegenwoordigd zijn en dat deze lieden er van dromen weer de machtsstaat te heractiveren. We weten ook dat Bouterse, de hoofdverdachte in de decembermoorden kwestie, werkelijk alles eraan zal doen om te voorkomen dat er een strafeis, laat staan vonnis, uitgesproken wordt. Wanneer er geen juridische uitweg meer is voor de hoofdverdachte en zijn directe medeverdachten, zal het ons helemaal niet vreemd voorkomen dat er draaiboeken worden opgezet om desnoods via gewelddadige methoden de macht in handen te houden. In dat opzicht verschilt dit regiem absoluut niet van dat in Caracas, Venezuela.