Frans-Guyana: Eclatante toename van drugssmokkel geregistreerd

Ieder kind heeft wel een toekomstdroom: piloot worden of stewardess, of reizen over de gehele wereld. Het is onvoorstelbaar dat een ukkie, dat nog moet beginnen aan het realiseren van zijn dromen, zegt: ‘Ik wil later een drugskoerier worden, gepakt worden, en in een gebogen houding mijn dagen doorbrengen in de gevangenis’. Toch gebeurt het jaarlijks dat honderden mensen uit Suriname hun kans wagen door het smokkelen van drugs naar Europa via Frans-Guyana. Een noodlottige uitkomst van een vervlogen droom die zich uit door het ontbreken van toekomstperspectieven.

Alemissi, 22 jaar, is slechts een van de honderden koeriers die jaarlijks in de gevangenis in Frans-Guyana terechtkomen. Een koerier, die net als vele anderen, niet kan tegen het feit, dat er nauwelijks uitwegen zijn om te ontsnappen aan armoede. Hij is een jonge Surinaamse Marron en een van de oorzaken van de  acties in Frans-Guyana. De schuld wordt niet gezocht bij Alemissi. Die moet slechts de straf uitzitten voor een falend systeem, namelijk een groot aantal ongeschoolde jongeren, weinig werkgelegenheid, slechte salarissen, slechte toekomstperspectieven. En dat probleem doet zich niet alleen voor in Suriname, maar ook in Frans-Guyana waar 60 procent van de jongeren onder de 25 jaar werkloos is.

Aan beide kanten van de grens is de verloedering van steden als Saint Laurent en Albina te wijten aan de slechte investeringen van de overheden: slechte stroomvoorziening, verouderde watervoorziening, wegen met gaten, vuil en autowrakken op straat… een perfecte bron voor het zoeken en vinden van jonge drugskoeriers.

“Mensen kunnen het niet langer aan om in misère te leven”, vertelt Frédéric, een vriend van Alemissi, die door auto’s te wassen probeert uit het criminele circuit te blijven. Ook hij wist wat de prijs was van cocaïne. Op zijn 17de is ook hij in de verleiding gekomen cocaïne te kopen in Suriname. Volgens hem is het niet eens nodig deel uit te maken van een drugscircuit om in de business te geraken. Met 5 euro kan je al 1 gram pure poeder kopen in Suriname, om die vervolgens voor 90 euro door te verkopen in Frankrijk. En het verkrijgen van het verderfelijke spul is een fluitje van een cent

“Saint Laurent is een grensstadje. Er is altijd handel geweest”, vertelt Natacha Zaepfel, voorzitter van een sociale organisatie in het district. Met de dagelijks oversteken van de honderden boten, wordt drugs over de grens gebracht alsof het edelstenen, goud of brandstof is’’.

Hoewel er gevallen zijn van jongeren uit gegoede families, artsen en onderwijzers, is 80 procent van de koeriers afkomstig uit een milieu zonder perspectieven. Van de vrouwelijke gevangenen in Frans-Guyana, zit 90 procent gevangen wegens het smokkelen van drugs. Bij de mannen is dat 40 procent. Eric Vaillant, de procureur in Frans-Guyana, legt uit dat er ook een explosieve groei is in het aantal gevallen van drugssmokkel: 186 aanhoudingen in 2014, tegen 371 in 2016. Maar dit getal is slechts een klein officieel gedeelte van wat er in de praktijk gebeurt.

“Er zijn zes tot acht koeriers, soms meer per vlucht, en er zijn tien vluchten naar Parijs per week. Dat zijn dus tussen de drieduidend en vierduizend koeriers per jaar. Wij vangen er maar 10 procent van’’, aldus Vaillant. Een fenomenaal en onoverzichtelijk aantal. Dat slecht een deel wordt gepakt, ligt niet aan de identificatie.

“Wij kunnen de koeriers makkelijk herkennen, maar wij kunnen ze gewoon niet allemaal aanpakken,” vertelt Phillippe Griset, de directeur van de douane op het vliegveld Felix Eboué in Cayenne, “het is een fenomeen van overmacht van onze diensten, die de handelaren wel goed kennen.” Vanwege de huidige stakingen zal het sneller overbrengen van een bodyscanner een oplossing kunnen brengen, maar volgens de douaneambtenaren zal dat het probleem van onderbemanning niet oplossen.

Zo weet de douane te vertellen dat in 2016 in totaal 451 kilo aan cocaïne is onderschept, terwijl in datzelfde jaar tussen 3 en 4 ton aan cocaïne in lichaamdelen richting Frankrijk ging. De douane ergert zich hier behoorlijk aan. Zo weet  Phillippe Griset dat de koeriers meer dan zichtbaar zijn. Op de heenweg valt op dat zij gedurende een vlucht van negen uren niet eten en drinken. En op de terugweg hebben zij meestal dure schoenen en opvallend kostbare kleding aan.

“Ook de vliegmaatschappijen willen niet meewerken”, verzucht Phillippe Griset.