De sittewasie

Slecht bestuur, wanbeleid, ondeskundig corrupt regeringsbeleid, zinloze praalzucht, hebzucht, geldzucht, graaizucht, geldverkwisting van machthebbers en gezagsdragers in het aangezicht van diepe armoede en schrijnende ellende van het volk hebben vanaf de mensheid bestaat geleid tot volkswoede en opstand. De grote massa, het volk, is dan op zoek naar LEIDERS , politieke leiders, vakbondsleiders, volksmenners en volksredenaars die de massa kunnen aanvoeren en emotioneel aan zich kunnen binden. In de Surinaamse historie zien wij dat het volk tot tweemaal toe als volksmassa op straat is gekomen om de regering naar huis te sturen.

Zodra een groot deel van het volk het vertrouwen in de toekomst verliest, wordt het ontbindingsproces in gang gezet. In het jaar 1969 zien wij dat bij Johan Adolf Pengel (NPS) en in 1999 zien wij dat ook bij de regering van Jules Wijdenbosch . Beide regeringen zijn door het volk, door de VOLKSKRACHT, ten val gebracht. Met volkskracht en medewerking van de vakbeweging, het bedrijsleven en het parlement, zijn beide regeringen destijds naar huis gestuurd.

JOHAN ADOLF PENGEL (NPS)

Eerste kabinet Pengel (juni 1963-mei 1967 ). Jopie was ‘baas’ in de NPS en van de NPS, hetgeen blijkt uit zijn machtige gecombineerde staatsfuncties: minister-president, minister van Algemene Zaken, minister van Financiën. Tweede kabinet Pengel (17 mei 1967-maart 1969). Pengel voelde zich na de verkiezingszege 1967 oppermachtig.Hij had het gevoel dat hij met het gehele land en met iedere inwoner kon doen en laten wat hij wilde. Pengel heeft keer op keer blijk gegeven van een diepe minachting voor het intellect. Pengel was zo overtuigd van zijn machtspositie, dat hij meende zich straffeloos alles te kunnen permitteren. Terwijl de toestand van de landsfinanciën zeer slecht was, stelde hij de raad van ministers voor om hem met terugwerkende kracht een salariëring toe te kennen voor het medebeheer gedurende 5 jaar van de portefeuille van financiën. Pengel en zijn ministers waren zeer reislustig. Pengel liet een groots opgezette wereldreis voorbereiden, waaraan ruim 70 personen zouden deelnemen.

Deze en nog meer openlijke geldverkwistende regeringshandelingen, financiële manipulaties en de machtsdronkenheid van Pengel, hebben bij het volk veel kwaad bloed gezet en de publieke opinie keerde zich tegen Pengel. Het toppunt van de machtsdronkenheid van Pengel sprak wel uit de opmerking van deze minister-president in het parlement gedaan, dat alleen ziekte en dood, hem van deze plaats zouden kunnen verdrijven.

In januari-februari 1969 kwam de massa op straat. De algehele onderwijswereld –FOLS/VELMEK en Fehoma (Federatie van Hogere en Middelbare ambtenaren) kwamen op straat. “Wat zich aanvankelijk deed gevoelen als CRISIS in het onderwijs, groeide snel uit tot een UITBARSTING in onze samenleving”, aldus Pengel in zijn rede. Op 13 februari 1969 bood de regering Pengel haar ontslag aan gouverneur Ferrier aan. Hierna kwam er een INTERIM-ZAKENKABINET A. J May. Op 24 oktober 1969 werden de algemene verkiezingen gehouden en de Regering Dr. J. Sedney trad aan (november 1969-december 1973). Hierna kwamen de ‘NATIONALISTEN’ (Bruma-Derby ) aan de macht (PNR-NPS-PSV-KTPI ) onder regeringsleider Henck Arron (december 1973-december 1977). De NPK 1 en NPK II regeringen van Arron (NPS) voerden ons naar de staatkundige onafhankelijkheid.

Vanaf februari 1980 zijn het de ‘REVOLUTIONAIREN’ die de politieke touwtjes in handen hebben. Heeft een groot deel van het volk wederom het vertrouwen in de toekomst verloren? Zullen de MOFINAWAN en de JONGEREN naar de macht grijpen of zal men het overlaten, overdragen aan INTEGERE, betrouwbare ervaren, bezonnen deskundigen en goede bestuurders met eerlijkheid, moraal en fatsoen in de publieke dienst. En bovenal die liefde en empathie hebben voor land en volk .

Leendert Doerga