Nog geen eind aan stakingen in Frans-Guyana

De stakingen in Frans-Guyana lijken in omvang toe te nemen. Na een weekend van bezettingen, voorstellen en tegenvoorstellen lijken de onderhandelingen te zijn stuk gelopen. De actievoerders houden namelijk voet bij stuk en het ministersteam in Parijs buigt zich nu intensiever over de oplossingen om zich uit de Frans-Guyanese wurggreep te bevrijden. Er is een protestmars in voorbereiding voor morgen. Zal die de mars van 28 maart overtreffen?
Het gehele weekend hebben de onderhandelingen geduurd. Met koffie in de hand hebben de actievoerders de nacht doorgebracht in de open lucht op het plein voor de prefectuur in Cayenne, in afwachting van een positief resultaat. Maar het wachten heeft niet goed bijgedragen aan de uitkomst.
Zaterdag was de sfeer nog enigszins gespannen. Nadat de minister van overzeese gebiedsdelen, Ericka Bareigts, haar excuses had aangeboden, was het pad van dialoog weer vrij. Parijs had de woede verkeerd begrepen en er zouden nu werkgroepen worden geïnstalleerd om het 400 pagina’s tellende dossier met eisen te bestuderen. Zaterdag was het dan ook zover. Na veel gehaal en getrek omtrent de aanwezigheid van de pers, heeft de minister haar eerste reactie kenbaar gemaakt, een op het eerste gezicht indrukwekkende inwilliging: -50 gendarmes in 2017 plus 80 gendarmes en agenten in 2018, oftewel 50 procent meer manschappen dan de huidige aanwezigheid in het gebiedsdeel.
Verder: – De operatiefase van een veiligheidszone in St. Laurent; – Scanner op het vliegveld van Cayenne; – Mobiele barricades op de hoofdwegen voor veiligheid en controle; – Opzet van een autonome veiligheidsarm; – De bouw van een hof voor snelrecht in St. Laurent-du-Maroni; – De bouw van een gevangenis in St. Laurent; – De diplomatieke betrekkingen worden versterkt met onder andere Suriname en er zal druk worden uitgeoefend om de huidige veiligheidsverdragen te ratificeren, uit te voeren en om nieuwe verdragen aan te gaan; – De strijd tegen de illegale mijnbouw en visserij zal zwaar worden opgevoerd; – 150 miljoen euro extra over een tijdsbestek van 10 jaar voor investeringen in het onderwijs; – 250 000 hectare aan grond wordt vrijgemaakt voor woningbouwprojecten; – 100 miljoen euro in 2017 gealloceerd voor de verbetering van het wegennet.
Al met al komt het neer op een investering van 1 miljard 85 miljoen euro, waarvan het overgrote deel zo snel mogelijk moet worden overgemaakt. Maar de actievoerders hebben het aanbod van de Franse delegatie geweigerd en zijn gekomen met tegenvoorstellen. Hun argument is dat tijdens het bezoek van de huidige Franse president, François Hollande, er 4 miljard euro aan investeringen was beloofd. Tevens zijn vele onderwerpen zoals de eleketriciteitsvoorziening, internet en het beschermen van de inheemsen, niet opgenomen. Ook het aantal beloofde gendarmes en politieagenten is volgens de actievoerders niet genoeg om de huidige crisis aan te pakken. Al met al zou de minimale directe investering moeten neerkomen op 2,5 miljard euro.
“Wij willen niet de kruimels van de staat”, aldus José Mariéma, een van de aanwezige volksvertegenwoordigers.
Ondertussen zijn beide ministers vertrokken naar Parijs. De minister van binnenlandse zaken vertrok eerder, omdat er op maandag een belangrijke vergadering was belegd waar dit onderwerp zou worden aangekaart. De minister van overzeese gebiedsdelen verliet Frans-Guyana gisteren.
De situatie is thans zo ernstig, dat alle Franse ministers aanstaande woensdag bijeenkomen om alle voorstellen van de actievoerders grondig te bestuderen en om een zo snel mogelijke oplossing te vinden voor de problemen in Frans-Guyana.
Hun bezoek zeer belangrijk om te kunnen analyseren wat de daadwerkelijke situatie en de problemen zijn, kan zonder twijfel worden bestempeld als een mislukking. De acties worden voortgezet en voor dinsdag is er een tweede protestmars gepland.
Ondertussen wordt het leven in Frans-Guyana zwaarder. Boten kunnen niet aanmeren in de haven, vliegtuigen kunnen niet volgens hun normale schema landen. Dit betekent dat Frans-Guyana langzamerhand door zijn voedsel- en brandstofvoorraden heen raakt. Maar de actievoerders zijn solidair: “Niemand wordt achtergelaten’’, zei een actievoerder.