“Ik ga liever dood, dan in een gevangenis te gaan”

Zo luidde zeer duidelijk de mening van een arrestant enige tijd geleden die niet begreep waarom hij was aangehouden.

De reactie was voor een ieder goed voorstelbaar, immers wat moet iemand in een gevangenis doen? Je hebt een woning die je met veel zweet en tranen hebt laten bouwen nu moet je je huis met je geliefden langdurig verlaten om in een cel opgesloten te worden, omdat je de wet hebt overtreden. Je bent een slecht mens, dus krijg je nu de tijd (de kans) om je leven te verbeteren. Maar wordt iemand een beter mens door gevangenisstraf?
De kans dat iemand zijn leven verbetert is in beginsel aanwezig als die persoon de strafoplegging volgens het Wetboek van Strafrecht begrijpt. Het kan zijn dat de persoon begrijpt dat hij door wetsovertreding gestraft moet worden, maar dat hij niet begrijpt dat hij daarom langdurig de gevangenis in moet; plotseling is een einde gekomen aan zijn leven, ook al is hij zelf nog niet dood.
De doorsnee burger begrijpt dat die gestraft moet worden als die de wet overtreedt, immers wetten zijn geformuleerd en goedgekeurd om ze te gehoorzamen in het belang van de samenleving. Waarom mensen wetten toch overtreden, kan veel redenen hebben.
Een kind hoort niet thuis in een gevangenis, maar evenmin een volwassene. Het is immers de volwassene die een gezin sticht en nieuwe mensen in de wereld brengt, de samenleving voortzet. Niet alleen brengt, maar ook zorgt voor een goed milieu waarin kinderen kunnen groeien om later te kunnen bloeien, om zichzelf en de maatschappij te dienen.
Wordt de doodstraf gezien als de meest absolute straf, gevangenisstraf wordt door velen ervaren als een langdurige absolute vernedering. De gevolgen voor bijvoorbeeld een gezinshoofd zijn ook in absolute termen. Groot gezichtsverlies bij familie en kennissen, discriminatie, verlies van baan, groot verlies van gezag bij terugkeren in het gezin en mogelijk teloorgaan van het gezin. Plotseling een einde aan bijna alles wat in zoveel jaren was opgebouwd.

VRIJHEID EN WONING ONVERVANGBAAR
De menselijke woning is veel meer dan een huis om in te eten en te slapen. De woning is de vertrekplaats om de rest van je leven door te brengen. De woning geeft je privacy en bescherming tegen ongewenste invloeden. Langzaam worden woning en bezitter één. De muren en het plafond gaan tot je spreken en het bord en de lepel gaan langzaam een speciale betekenis krijgen. Een bed heeft zo iets persoonlijks dat zelfs toeristen moeite hebben om in een vreemd bed, al is het in een luxe hotel, te slapen. Kortom, ontneem je de mens zijn woning, dan ontneem je heel veel van zijn persoonlijk geluk en gezin om verder te leven.
Het plotseling niet meer te mogen wonen in je eigen huis, er niet meer in te mogen slapen, te eten, eten te bereiden, gewoon te mogen zijn in je huis, moet gezien worden als grote vrijheidsontneming en straf.

LEVEND DOOD
Voor de mens voor wie vrijheid alles betekent*, betekent gevangenisstraf niet alleen een absolute vernedering dat niet verdwijnt, maar het maakt van de gevangene een levende dode, tijdens zijn gevangenschap en mogelijk ook daarna.
De mens die in de fout is gegaan zal zich alleen verbeteren als hij of zij inziet dat die verkeerd heeft gehandeld. Een mens is niet alleen een vrij wezen, maar ook een redelijk denkend en handelend wezen, een persoon die streeft naar evenwicht en redelijkheid. Door een mens zeer zwaar te straffen – en gevangenisstraf is een absoluut zware straf – ontneem je in feite de gevangene de mogelijkheid om zijn leven te verbeteren. Anders gezegd, gevangenisstraf kan averechts werken. De wederom vrije mens wordt mogelijk niet een beter mens, maar een slechter mens, iemand vol met wrok tegen één of meer personen of tegen de samenleving als geheel. Zo ook als die persoon geen gevaar meer betekent voor de samenleving, de kans dat hij of zij een toegevoege waarde heeft, is niet groot.
De lijn te trekken in de samenleving tussen de rechtvaardigen en de zondaars, tussen hemel en vagevuur – in feite hel – heeft teveel herkenningspunten met religie en geeft niet voldoende genoegdoening aan de jarenlange strijd voorafgegaan aan de zo gewenste scheiding van kerk en staat waarvan nu zoveel afhankelijk is.

HOE VERDER MET HET GEVANGENISWEZEN?
Deze bijdrage van enkele regels, valt in het niet tegenover de vele gezaghebbende werken verschenen over dit thema. Het gezaghebbende blad `The Ecomonist’, heeft enkele uitvoerige en diepgaande analyses hieraan gewijd. Met als voorbeeld Amerika, concludeert het blad: te snelle gevangenneming, discriminatie als gevolg van veelal een vooroordeel tegen over de zwarte bevolking, te langdurige gevangenisstraffen. Een andere conclusie is te zware bestraffing van drugsvergrijpen. Het blad pleit voor kortere gevangenisstraffen in het algemeen en in het bijzonder voor drugsovertredingen, zoals het enkele bezit van drugs. Tot slot wordt gewezen op het lijden en de vernedering van zwakke gevangenen als gevolg van mishandelingen en seksueel molest door medegevangenen.

HOE VERDER MET ONS EIGEN GEVANGENISWEZEN?
Iemand die een strafbaar feit heeft gepleegd en veroordeeld is tot gevangenisstraf, blijft zijn mensenrechten behouden, ook achter de tralies. Om dit te garanderen vereist een gedegen organisatie en bemanning en veel geld. Dit geld heeft het land niet.
De oplossing is – hoe simpel dat ook klinkt – minder mensen en voor een kortere tijd opsluiten.
Er zijn tal van mogelijkheden voor lichte vergrijpen, zoals een x-aantal verplichte uren van gemeenschapswerk, het verzorgen van lessen zonder betaling, etc.

VOORARREST
Voorarrest is opsluiting in afwachting van rechterlijk oordeel. Dit kan leiden tot gevangenisstraf en tot rechterlijk oordeel. Dit kan leiden tot gevangenisstraf en tot vrijspraak. Bij vrijspraak lijdt de persoon enorme persoonlijke schade die niet wordt vergoed**, zelfs schade die niet vergoed kan worden.
Voorarrest is een zeer zwaarwichtige beslissing van totale vrijheid tot algeheel verlies van vrijheid die alleen door de rechter-commissaris kan worden genomen op grond van de ernst van de zaak, aanwijsbaar vermoeden met waarborging van de rechten van elke burger die in een dergelijke situatie komt te verkeren. In nieuwsbladen kan men lezen dat inverzekeringstelling wordt gesanctioneerd door het Openbaar Ministeri (OM): `in overleg met het OM na politieonderzoek’, voor 14 + 30 dagen. Voorarrest is een zeer zwaarwichtig besluit, een bevoegdheid die na inverzekeringstelling alleen aan iemand met de status van rechter kan worden gegeven***. Een redelijk vermoedende ernst van de zaak speelt een cruciale rol.
Iedere burger is vrij totdat een strafbaar feit tegen hem of haar is bewezen (gevangenisstraf) of een aanwijsbaar ernstig vermoeden of aanwijzing over een strafbaar feit tegen hem of haar bestaat leidende tot voorarrest. Elke burger moet zijn rechten in deze kennen. Het is de plicht van de centrale overheid om voorlichting in detail te geven aangezien het vermoeden bestaat dat de doorsnee burger waarschijnlijk niet goed genoeg is geïnformeerd over de procedure bij aanhoudingen waarin begrepen zijn rechten bij het onderzoek dat naar een eventuele aanhouding moet leiden. In deze voorlichting moet de Staat de burger ook uitleggen hoe groot zijn of haar persoonlijk belang is bij het vermijden van een aanhouding, aangezien in praktische zin voorarrest gelijk is aan ee gewone gevangenisstraf, immers bij de strafbepaling wordt de tijd doorgebracht in voorarrest afgetrokken, en opsluiten is opsluiten.
Bij nader inzien blijkt dat voorarrest deeluitmaakt van het strafrechtelijk onderzoek. Daar deze werkwijze door de wet is voorgeschreven, is het niet meer dan billijk dat de aanhouding met grote mate van zorgvuldigheid plaatsvindt waaruit de onvermijdelijke noodzaak tot aanhouding moet blijken alsook de duur van de aanhouding. De billijkheid – rechtvaardigheid en redelijkheid – vloeit ook voort uit een kennelijke missing link (ontbrekende schakel) in het berechtingsproces uit hoofde van de onvermijdelijkheid van het voorarrest bij het onderzoek (belang van de vervolging) enerzijds en anderzijds dat in praktische zin voorarrest gelijk is aan gevangenisstraf, zonder dat de strafbaarheid door een rechter bewezen is verklaard en dus de persoon in kwestie vrijuit zou moeten gaan (persoonlijk belang).
Het proces van in verzekering stellen op gezag van de officier van justitie – 14 dagen + een maand – het duurt te lang voordat het resultaat van het onderzoek bij de rechter – commissaris komt, zo hebben deskundigen vastgesteld.
Aangezien voorarrest deel is van het onderzoek, hetgeen door de verdachte (beklaagde) gewoon als straf, als voorschot op straf, wordt ervaren, is het niet meer dan billijk dat dit onderzoek aan een limiet wordt gebonden. In Nederland is de totale lengte van het voorarrest 110 dagen: maximaal 2×3 dagen inverzekeringstelling + maximaal 14 dagen voorlopige hechtenis + maximaal 90 dagen gevangenhouding. De schrijver kon niet achterhalen of in Suriname ook zo’n limiet bestaat.
Komt iemand na zijn of haar voorarrest vrij zonder straf of boete, dan is het billijk dat die persoon schadevergoeding krijgt, een schadevergoeding echter die de geleden schade en het leed niet kan compenseren.
Tot slot moet worden opgemerkt dat deze bijdrage in lijn is met de wens en streven van de huidige procureur-generaal in ons land om het gevangeniswezen te hervormen. Als de rechters ook meegaan, moet dit alles leiden tot kortere, effectievere en meer humane bestraffing in het belang van gevangene en samenleving.

CH.

*Voor de bewust levende geciviliseerde mens is vrijheid gelijk aan het recht om te mogen leven. Anders gezegd vrijheid = leven.
**Zover bekend.
***Zie bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de rechter-commissaris in de Vrije encyclopedie.