5 autowasfouten die (bijna) iedereen maakt

Om het wassen van je auto te verheffen van een mondain klusje tot kunst, let je maar beter op een hele hoop details. Maar de grootste fouten zijn ook deze die het makkelijkst te vermijden zijn. We zetten alvast 5 wijd verspreide wasfouten op een rij.

  1. De spons

De typische autobestuurder grijpt nog graag naar een spons voor het wassen van z’n geliefde vierwieler.

Gebruik vooral géén spons en zeemvel

We zegden het eerder al… een spons en zeemvel zijn eigenlijk uit den boze. Beide hebben de eigenschap het vuil wel los te maken, maar het vast te houden aan de oppervlakte. En daarom wrijf je met je zopas verwijderde verontreiniging (zandkorrels bijvoorbeeld) verder over je body. Dat veroorzaakt de erg fijne waskrassen die je pas echt ziet als het licht onder een bepaalde hoek op de body valt, maar die er wel voor zorgen dat je auto nooit meer glanst als nieuw. Gebruik liever een lamswollen washandschoen (of een goed alternatief in microvezel). De lange vezels zorgen ervoor dat het vuil wordt weggehaald van de body en dus niet kan krassen. Gebruik in plaats van een zeemvel een microvezel handdoek of droogdoek. Dat is bovendien ook nog veel gemakkelijker.

lamswollen washandschoen
Lamswollen washandschoen
  1. Niet in de zon

Natuurlijk is het aangenaam om onder een stralende hemel je auto te staan wassen. Maar je doet het beter niet als je auto staat te bakken. De producten verdampen dan te snel en het temperatuurverschil doet je lak geen goed.

Locatie

Je kunt je auto natuurlijk overal wassen. Maar als je de keuze hebt, zijn hier enkele aanbevelingen.

*Probeer op een warme dag de auto zo veel mogelijk in de schaduw te houden. Dan drogen water en product minder snel op en krijgen ze meer tijd om hun werk te doen.

*Een ondergrond die zelf proper is, helpt natuurlijk ook, dan spat het vuil niet weer op de wagen.

  1. Twee emmers in plaats van één

Je hebt niet één emmer, maar twee stuks nodig voor de wasbeurt. Als je spoelt en schoonmaakmiddel gebruikt in dezelfde emmers, wrijf je het vuil gewoon weer op je auto.

De twee-emmer-methode

Vul twee emmers bij voorkeur met water. In één emmer doe je je autoshampoo (lather), in de andere hoeft niets. De werkwijze is eenvoudig en erg snel, maar een correcte toepassing garandeert een krasvrij resultaat. Doop je washandschoen in de emmer met autoshampoo en wrijf het autopaneel van paneel af (alweer van boven naar onder en van voor naar achter, zodat de meest verontreinigde delen laatst aan de beurt zijn). Ten slotte na elk paneel (sneller als je auto erg vuil is) spoel je je washandschoen in de emmer met water. Pas daarna doop je hem weer in de emmer met product. Die zogeheten twee-emmer-methode is een erg eenvoudige manier om ervoor te zorgen dat je vuil niet terug op je auto wrijft. Als je het systeem correct toepast, heb je op het eind van je wasbeurt een emmer met vuil water (spoelemmer) en een emmer met water dat er nog net zo helder uitziet als in het begin (met lather). Als je met één emmer werkt, wrijf je al het vuil uit de spoelemmer gewoon weer in je lak.

Welke autoshampoo kies je?

Dat is een moeilijke. Erg veel commercieel verkrijgbare shampoo’s zijn agressief en hoewel ze vaak snel resultaat opleveren, zijn ze bij veelvoudig gebruik slecht voor je lak. Dat zorgt na verloop van tijd voor een doffe oppervlaktelaag die alleen een kleibeurt en polish weer kan verwijderen. Een goede autoshampoo zorgt er vooral voor dat je washandschoen z’n werk kan doen en de lak ongemoeid laat. Niet te agressief dus, maar met glijmiddelen die ervoor zorgen dat vuil makkelijker van het oppervlak in de washandschoen verdwijnen. Die producten worden vaak een ‘lather’ genoemd. En ze horen conventionele autoshampoo’s naar de vergeetput te verwijzen.

  1. Het zeemvel: de grootste boosdoener

Een zeemvel heeft bij je auto eigenlijk niets te zoeken. Ze is te hard en houdt het vuil gevangen tussen de zeem en het koetswerk, wat fijne krasjes oplevert die je vooral in de zon ziet. Drogen doe je in deze tijden met een microvezel droogdoek. Dat voert het vuil af tot diep in de vezel en krast niet.

  1. Carwash met mate

Natuurlijk is het fijn om na een paar minuutjes carwash weer een blinkende auto te hebben, maar die korte doorlooptijd vormt ook een probleem. De wasprocedure in een industriële wasstraat is erg brutaal, met agressieve producten en niet bepaald zachtzinnig contact met je lak. Je doet het dus best niet te vaak.

Bron: http://www.auto55.be/